Over Duitsers en penningmeesters (dec 1978)

Duitsland speelt ons danig parten de laatste weken. Eerst het afscheid van Cruijff vergallen en dan nog die Aantjes' toestand er overheen, wat een ellende.
De Fransen hebben daar een prachtige uitdrukking voor; Partir c'est mourir en peu (Afscheid nemen is een beetje sterven). In het geval an Cruijff is dat wat te zachtjes uitgedrukt, dit was niet een beetje sterven, maar een complete begrafenis. Dat die Duitsers met 4-0 niet opgehouden zijn met scoren en Kroeff geen doelpunt gunden, kost ze een flink aantal Nederlandse vakantiegangers volgende jaar. Ze dachten slim te zijn door Cruijff in z'n hemd te zetten, maar dat zal ze opbreken. De eerste voortekenen zijn er reeds. De afscheidswedstrijd van ex-national weltmeister manschaft's trainer opa Schön, is al een fiasco geworden. De weergoden waren duidelijk ingelicht, nergens mistte het, maar lekker wel in het Waldorf-stadion waar Sch0246n's afscheidswedstrijd bij 0-0 of 6-6 want niemand kin het bekijken werd afgefloten. Boontje komt om z'n loontje! Nou nog met 8-0 winnen van die gasten op 20 december en Aantjes mag van mij weer in de tweede kamer.
Cruijff is als ik het goed heb, eenmaal sportman van het jaar geweest, vlak na de W.K. in 1974. De ARC-sportman van jaar wordt helaas niet meer gekozen. Als ik mij goed herinner was Piet Spruijt één van de laatste "sportmannen" van A.R.C.
Hierin komt echter verandering. Op voordracht van ondergetekende en met Strohalm als jurylid is met algemene stemmen de ARC-sportman van het jaar 1978 gekozen. Geen harde werk(st)er in de kantine (die verdienen allemaal een ridderorde), geen eerste elftalspeler (die krijgen tenslotte een flesje fris na de wedstrijd, maar Rob Koolstra voor z'n niet aflatende trainingsinzet om terug te komen op z'n oude niveau na die ontzettend lastige en pijnlijke liesblessure die verleden jaar opliep. De bijbehorende prijs, een krat appelsap, zal hem binnenkort worden uitgereikt. Deze prijs moet gezien worden als een aanmoediging om door te gaan met trainen. Sterke Rob

In het Leids/Alphens Dagblad van dinsdag 14 november jl. stond een werkelijk schitterend artikel van Ruud Paauw. Het betrof, zoals Paauw noemde, een mooi stemmig verhaal uit het clubblad van R.C.L., waarin de penningmeester van die club de leden met contributie-achterstand maande zo vriendelijk te willen zijn te betalen.
Paauw heeft een hele andere kijk op de penningmeesters, zoals hij in VRIJ UIT van die dinsdag liet blijken. Volgens hemen nu citeer ik: zijn goeie penningmeesters (net als goede bankiers) geen gulle lachers, geen praters en absoluut geen schrijvers van mooie verhalen. Dat zijn geboren nijdassen met ontzettend chagrijnige koppen. Ik heb er vroeger eentje gekend dat was zo'n bullebak, dat als-ie binnen kwam dan greep je al naar je portemonaie. Die schreef nooit een fraai sfeervol stukje in het clubblad. O nee. Een maand contributie niet betalen zag hij door de vingers, maar de tweede maand pikte hij niet. Dan zei hij "m 'n centen". Tot zover Ruud Paauw. Je wilt het geloven of niet Ruud, onze penningmeester presteert het om aan het einde van het boekjaar lakoniek mee te delen, dat hij een aantal wanbetalers (dat ben je bij hem als je een week achter bent) maar vast de vakantiemaanden heeft laten doorbetalen omdat ze anders hun vakantiegeld toch maar verbrassen en dat hij zodoende een batig contributie-saldo op zijn conto heeft staan. Trouwens die penningmeester van R.C.L. moest maar eens contact met hem opnemen, de onze heeft nog steeds een X-bedrag van deze zomer door R.C.L. gewonnen prijs in onze nederlaagserie tegoed. Wel geen bedrag om een deur mee in te trappen, maar gezien de financiële situatie van R.C.L., dacht ik toch meegenomen.
Voor de goede orde Ruud v.d. Paauw, vroeger niet bij A.R.C. gespeeld.



Hoogachtend,
Archibald Strohalm
Archibal Strohalm


© Historische Commissie sv ARC - 2017
Aan de gegevens op deze site kunnen geen rechten worden ontleend.