Wedstsrijden tegen BVO's


ARC - Nederlands Elftal (0-3)
Jacques Key schiet de strafschop naast, na eerst doelman Van Breukelen naar de verkeerde hoek te hebben gestuurd.


21-5-1990
ARC - Nederlands Elftal

(Rijn & Gouwe, door Rien van Vliet)

ABSOLUUT HOOGTEPUNT

ARC-Oranje een happening met ruim 9000 toeschouwers



ALPHEN AAN DEN RIJN - Het winnen van de KNVB-beker in 1959, de wedstrijd tegen Ajax (1983), de opmars naar de hoogste klasse van het zaterdagamateurvoetbal, met als beste resultaat de uiterst fraaie vijfde plaats dit seizoen.
Stuk voor stuk memorabele feiten, die evenwel in het niets vallen bij de happening van gisteravond. ARC-Oranje, in het met ruim 9000 toeschouwers (!) volgepropte Stadion Zegersloot, gaat als het absoluten hoogtepunt de geschiedenis in van de 63-jarige Alphense Racing Club. In het draaiboek van de 'commissie van zes' (Cock Verweij, Bertus Rooda, Arry Zwaan, Wim Deurloo, korpschef van de Alphense politie Jaap Molenaar en 'persbaas' Piet Philipa) werd aanvankelijk gesproken over 10.000 mensen, maar op last van de politie werd het aantal op 9000 gehouden. Penningmeester Bertus Rooda: "Van de week heb ik nog ruggespraak gehouden met Cock Verweij. We hadden nog duizend kaartjes en konden die nog gemakkelijk verkopen. Maar we hebben toen gezegd: we doen het niet. Zeker gezien ook de veiligheid. Wij stoppen bij negenduizend." "En die mensen kunnen we kwijt, dat zie ik gebeuren", zegt Rooda rond twee uur, terwijl de telefoon in het 'Racing Home' roodgloeiend staat. Om de haverklap bellen mensen (zelfs uit Limburg) op met de vraag of er nog kaartjes zijn. "Helaas voor u, het is volledig uitverkocht", stelt Nick Bouman, noodgedwongen, iedere beller teleur. "We hadden mischien wel 15.000 kaartjes kunnen verkopen. "Rooda: "Achter de doelen zijn zestienhonderd staanplaatsen bijgebouwd, maar op die tribunes kunnen zeker tweeduizend mensen staan en daarvoor is ook ruimte zat. Verder een duizend of drie op de 'bult' en een dikke tweeduizend zitplaatsen. Dan moet het lukken." Maarten Boot: "Dat is toch het enige, waarover ik me een klein beetje zorgen maak. Negenduizend mensen..., ik wil wel eens zien hoe dat bij elkaar staat."
Onder leiding van terreinbaas Piet van der Mark wordt de laatste hand gelegd aan het veld. Met behulp van een touwtje trekt vaste lijnentrekker ("al zeven jaar") Jan Groenendijk dan al kaarsrechte lijnen. Speciaal voor Oranje? "Nee, het is alleen noodzakelijk als we de oude lijnen niet meer zien staan. Door het vele werk, het sproeien en maaien zijn die weg."
Van der Mark: "Het verschilt niet veel van Wembley, op een paar kleine plekjes na. De mat is uit de kunst, maar we hebben er veel aan gedaan. In het midden hebben we 'zootjes' (lees zoden) gelegd en goed nat gehouden, gewalst, een beetje aangetrapt. Je ziet het, we hebben een prachtige grasmat. Maar ik houd het ook netjes bij, ik heb een hekel aan rotzooi. En ik vind het altijd leuk als de mensen zeggen goh, wat een mooi matje."

Tegen vier uur druppelen één voor één de achttien ARC-spelers binnen. Nerveus? Dick Ernst: "Nee, voor mij is het niet de eerste keer dat ik voor zo veel mensen speel." Paul Dijkman: "Een beetje gespannen ben ik toch wel."
Oud-doelman en tegenwoordig elftalleider Cor Prook nam vorig jaar afscheid. Hij had het liefst nog gevoetbald. "Dit is een happening, zeker als speler, maar voor een keeper helemaal. Maar het is gewoon over. Ik heb zeterdag gespeeld en moet drie dagen bijkomen. Voor de club", zegt Prook dan, "is dit fantastisch. Voor alle mensen. Als je hier de hele dag loopt en je ziet wat ze er allemaal voor over hebben. Dit is onvoorstelbaar." Het ontvangstcomité (Cock Verweij, Arry Zwaan, Cees Boot) steekt zich in het pak, compleet met een 'vloekende' oranje stropdas. Vice-voorzitter en 'mister ARC' Wim Deurloo, luid 'hand in hand' zingend, loopt nog in zijn oude kloffie rond. "Ik trek mijn pak ook niet aan vanavond. Natuuriijk heb ik wel andere kleren bij me, en die trek ik zo aan, maar als de wedstrijd begint, ga ik een lekker pilsje drinken met een aantal mensen". Deurloo zal weinig van de wedstrijd zien. "Vind ik ook niet belangrijk. Ik vind het belangrijk dat iedereen het naar zijn zin heeft en dat het goed georganiseerd is. Dat is ook het geval, we hebben er alles aan gedaan en ik hoop dat het gewaardeerd wordt door de mensen. Het moet gewoon een gezellige avond worden. En of het nou 1-1 wordt of 0-10, dat maakt me helemaal niet uit. Een hoogtepunt in de geschiedenis. Ajax was al iets bijzonders, maar dit maakt toch nog veel meer los bij de mensen." Het loopt als een trein. De angst van een enkeling ("zoveel mensen op ons complex, ik moet het nog zien") blijkt ongegrond. Organisatorisch steekt alles perfect in elkaar, dat het voor ARC begrippen ongekend grote aantal toeschouwers haast moeiteloos en zonder noemenswaardige problemen wordt verwerkt.
Secretaris Arry Zwaan: "Direct na het telefoontje uit Zeist, in februari, zijn we met de organisatie begonnen. het is heel goed voorbereid, in principe kan er niets fout gaan. Dit is ook beslist voor herhaling vatbaar. Ja, iedereen roept nu dat je het de eerste jaren niet meer moet doen. Als 'Zeist' volgende week belt en zegt dat ze volgend jaar mei weer willen komen, dan zijn ze van harte welkom." ARC-Oranje, met recht het absolute hoogtepunt. Of zoals bestuurslid Dick Koster het zegt: "Er moest een pupil (de negenjarige David Vreugdenhil werd als gelukkige uitgeloot) gekozen worden voor de wedstrijd, maar hoe noem je dat: 'pupil van de week' of 'pupil van de maand'. Nou, je mag best spreken over 'pupil van de eeuw'. Want ik denk dat je dit de eerste honderd jaar niet meer meemaakt."

ARC-Oranje, een (Alphens) volksfeest. Voorzitter Cock Verweij relativerend: "Het voetballen in de hoogste klasse, jaar in, jaar uit, verdient toch de prioriteit boven een wedstrijd tegen het Nederlands Elftal. Ik denk dat je tegen het Nederlands Elftal voetbalt, omdat je zo hoog speelt. Het belangrijkste vind ik nog altijd kampioenschappen, waarvoor de jongens een heel jaar werken, waarvoor ze een heel jaar trainen. Dit is heerlijk, dit is gewoon lekker meegenomen."

– Geen absoluut hoogtepunt?
"Ik zwak dit gebeuren niet af, zeker niet. Voor de vereniging in zijn totaliteit is het natuurlijk een hoogtepunt. Het is geen oneerlijke vraag van jou, maar een oneerlijk vraag om te antwoorden. Je kunt het eigenlijk niet vergelijken. Maar, dat kan ik wel zeggen, ht is een geweldige promotie voor de club en dit maak je misschien maar één keer in de halve eeuw mee. En dan zijn er nog een paar amateurclubs die dat kunnen en mogen meemaken." "Ja, zonder meer het hoogtepunt voor de club", vult Cees Boot aan. "We maken naam, we presenteren ons voortreffelijk. Ik denk dat we van die vijf wedstrijden - en dat is een beetje chauvinistisch gezegd misschien - de beste organisatie hebben. Dat heb ik gemerkt in gesprekken met mensen die de wedstrijden al gehad hebben, dat heb ik gemerkt in gesprekken met de NOS. Het is perfect allemaal." Rooda: "Een geweldige belevenis en financieel een groot succes. Maar dit seizoen kan toch bij ARC niet kapot, want de weergoden zijn iedere keer met ons als we belangrijke dingen hebben. Maar we hadden ook wel wat nodig, want we zitten bijvoorbeeld met een reparatie aan het dak en dat kost een kleine twintig mille. Het komt goed uit." "Wat organisatie betreft is dit zeker het hoogtepunt wat je als amateurvereniging kan hebben", meent Maarten Boot, met kantinebaas Bert Bos belast met de inkoop, verkooppunten rond het terrein en de werkploeg. "En dat moet je de eerste tien jaar ook niet meer doen."

Leger
"Normaal hebben we op een zaterdag twaalf mensen nodig, nu is er van vanmorgen acht uur tot morgenmiddag een heel leger in touw: 48 mensen binnen in de kantine, ruim 50 mensen buiten. Nee, het was niet moeilijk om hulp te vinden. Ze stonden bij wijze van spreken te dringen, ik heb geen enekel keer ; 'nee' gehoord. Een geweldig enthousiasme." "En we hebben het de laatste drie weken toch verschrikkelijk druk gehad met o.a. die wedstrijd tegen Rijnsburgse Boys en het duel tussen NSVV en Bennekom. Iedereen is moe. Maar ze willen allemaal nog één keer gaan. Zo'n 25 mensen hebben twee dagen vrij genomen. Geweldig", complimenteert Boot ‘zijn’ personeel.

Omzet
"Er komt verschrikkelijk veel voor kijken", weet Bos. "Je moet mensen soms vervelende dingen laten doen en speciale voorzieningen treffen. En dan zit je nog met de vraaag: 'wat moet er worden ingekocht?'. We hebben 15.000 blikjes drank, 25 vaten bier en 2000 broodjes. Dat lijkt niet veel, maar we zijn er van uitgegaan dat de Alphenaren pas na half zes komen en dat zij thuis gegeten hebben. Ik hoop dat we alles kwijt raken. Dan maken we een aardige omzet."
Maarten Boot: "Het gevaar zat er in dat andere evenementen, zoals het bedrijfsvoetbaltoernooi van afgelopen zaterdag, zouden ondersneeuwen omdat je zo gefixeerd bent op 21 mei. Dat is gelukkig niet gebeurd dankzij de medewerking van iedereen. Maar ik denk dat we allemaal blij zijn als het over een paar uurtjes is afgelopen".

© Historische Commissie sv ARC - 2017
Aan de gegevens op deze site kunnen geen rechten worden ontleend.